Boekenblog 111 "Ik Heb Nooit Iets Gelezen": Karel van het Reve
Dinsdag 6 december werd in De Rode Hoed het zevende en laatste deel van het Verzameld Werk van Karel van het Reve gepresenteerd.De Geleerde Broer van Gerard is nu ook bijgezet in het mausoleum van de Nederlndse Letteren.
Met Verzameld Werk is het vreemd gesteld. Aan de ene kant is de definitieve erkenning van een schrijver, aan de andere kant -en nu zie ik Thomas van Luijn in zijn rol van Ferry Mingelen voor me- ben je ook definitief uit zicht. Nou ja, natuurlijk de feestelijke bijeenkomst, het debat dat men daar voert, de mooie rij fraai uitgegeven boeken en de intekening daarop-prachtige momenten.Maar dan ? Ze staan in de kast als een monument, maar ook een beetje dreigend: ik wil gelezen worden! In het geval van Karel van het Reve kan ik u rustig voorstellen dat vooral te gaan doen of opnieuw te gaan doen.
Karel van het Reve (1921-1999) groeide net als Johan Cruijff op in Betondorp, in misschien wel even behoeftige omstandigheden, al stierf Karel's vader niet op jeugdige leeftijd. Integendeel, zijn vader, G.J.M., zelf schrijver van een zeer leesbare autobiografie, Mijn Rode Jaren, werd zeer oud. En verder zijn beiden natuurlijk geniaal, al verwoordt KvhR het begrijpelijker.
De communistiche wereldbeschouwing van Vader van het Reve bepaalde het leven van Karel al even zeer als dat van Gerard. Na 1947 nam Karel afstand van het communisme, en bestreed het eigenlijk in alle opzichten. Niet zo emotioneel en literair als Gerard, maar door de vijand met eigen wapens te willen verslaan: Russisch studeren, hoogleraar Russische Letterkunde worden, correspondent in Moskou voor Het Parool in de jaren ‘60, steun verlenen aan dissidenten en heel veel schrijven over het perfide ciommunistische systeem. Maar, en dat is zo aantrekkelijk, hij deed dat niet in vlammende schotschriften, maar in reisverhalen, en vernuftige essays, met geestige titels als Het Geloof der Kameraden, Met Twee Potten Pindakaas naar Moskou en Lenin heeft Echt Bestaan.
Daarbij vind ik hem onweerstaanbaar geestig, door zijn droogkomische manier van redeneren en onverstoorbaarheid. In linkse kringen lag hij beslist niet goed, in de jaren '70, en dat loste men dan maar op door hem te negeren. Dat is nooit de beste oplossing.
Van het Reve dacht na graag over van alles en nog wat en schreef dat op in fraaie, sluitende redeneringen. En zo verschenen tussen 1965-1995 talloze stukken over vaak fundamentele problemen die men, in Karel's visie, veel te snel voor "waar" aannam. Zo attaqueerde hij het geloof in Freud, Darwin, democratisering, literatuurwetenschap, goede smaak met een soort boerenslimheid, die zijn tegenstanders razend maakte. Maar als je dan langer doorlas en doordacht, dan zat er wel degelijk meer in dan slimzijn.Een soort fundamenteel ongeloof in goede bedoelingen misschien. En een soort geloof in rationaliteit. In zijn beste stukken, niet toevallig over het communisme, maar ook in zijn herinneringen-opgeschreven in Achteraf en Luisteraars!- zie je soms glimpen van een heftige emotionele betrokkenheid, die helaas snel door een grap weer ongedaan wordt gemaakt.
Soortgelijke, en steviger, kritiek is ook te vinden in een stuk van Kees 't Hart, uit 2004, in De Groene Amsterdammer. Hij stelt dat Van het Reve een slachtoffer is van zijn eigen ironische kijk op de wereld, die hem steeds minder toestond anderen te bewonderen. "Langzamerhand begon hij werkelijk te eloven dat hij in alles gelijk had gekregen."
Die gedachte gaat me te ver. Van het Reve was daar eigenlijk weer te geestig voor, maar een ander gelijk geven, nee, dat kwam nauwelijks voor. Maar hoeveel mensen is dat nu eigenlijk wel gegeven ? Neem deze typische, slimme Reviaanse redenering: hij beschrijft dat hij zich in 1948 afvraagt wat toch de werking van de maan op eb en vloed is.Dat raadsel wordt 25 jaar later voor hem opgelost als iemand dat voor hem opzoekt. Dat had hij zelf al in '48 kunnen doen. Hij doet dat af met zijn luiheid als een algemeen menselijke eigenschap te zien: ( )" de neiging van veel mensen om het pakket van de dingen die ze weten zo min mogelijk te veranderen, en dus ook niet uit breiden of te corrigeren."
Kortom: wie houdt van glashelder geschreven stukken, geestig en dwars, en om maanden op je nachtkastje te hebben voor zo nu en dan een paar stukken: het Verzameld Werk van Karel Gerardszoon staat monumentaal op u te wachten!

