Podcast Agatha Christie

Mijn eerste kennismaking met Agatha Christie was toen ik een jaar of tien was. In de bibliotheek. In de kast zag ik staan 'And Then There Were None' die toen nog 'Ten Little Indians' heette (bij ons 'Tien kleine negertjes', en dat kan natuurlijk niet meer). Vreemde titel, dacht ik. En ik ging lezen.

Zo ontdek je schrijvers wanneer je jong bent: ongeremd door voorkennis of een besef van wat moreel en politiek correct is. Wat een wilde ervaring!

Ik herinner me dat ik een middag lang op mijn bed lag met dat boek, een kapot gelezen hardcover. Ik was gefascineerd door het verhaal. Wat was er aan de hand? Bezoekers aan een eiland die één voor een worden vermoord door een mysterieuze gastheer. De spanning en het mysterie waren ondraaglijk. Want hoe verder ik las, hoe duidelijker het werd: straks blijft er maar één over. Plus de moordenaar.

Grappig, toen ik schrijver en columnist Nina Weijers uitnodigde voor Cinema Literairs ‘Avond van de Queen of Crime’ vertelde ze mij een soortgelijk verhaal. Ook zij werd in haar jeugd gegrepen door de boeken van Agatha Christie. Kennelijk is er iets in haar werk dat het ‘kinderlijke’ of het ‘onschuldige’ in ons aanspreekt, tenminste die versie van onszelf, een soort geheime versie, die we nooit laten zien. Of waarvan we het bestaan eigenlijk niet wist. Of zijn vergeten.

De beroemde Engelse criticus en crime writer H.R.F. Keating schrijft dat hij op precies dezelfde wijze, als kind, Christie leerde kennen. Hij zoekt de populariteit van haar boeken in haar inzicht in wat mensen echt drijft. Waarmee je haar  — schrik niet, beste luisteraars — kunt vergelijken met Dickens of Shakespeare.

Dat is nogal wat. Maar er zit iets in: haar boeken maken ons nieuwsgierig voor, zoals Dickens schrijft, de passie voor het speuren naar iets wat diep in de mens ligt, naar hoe we kunnen zwichten voor het kwaad, maar ook naar de wijze waarop we tot goede daden in staat zijn.

Toch was Christie een Dickens noch een Shakespeare. Een grote stilist was ze nooit. Haar verhalen kenmerken zich ondanks de ingewikkelde plots door een eenvoud van vorm die het voor een kind mogelijk maakt om te lezen.

Maar ook dat is niet het hele verhaal. Steeds meer wordt duidelijk dat Agatha een complexere persoonlijkheid had dan we denken.

Haar mysterieuze verdwijning in 1926, toen ze twee weken lang spoorloos was, was een voorteken dat er veel meer onder de oppervlakte van het beeld van de slimme schrijver van toegankelijke misdaadromans was.

Om vat te krijgen op haar persoonlijkheid kiest biograaf Andrew Wilson een unieke benadering: hij schreef twee jaar geleden een roman getiteld A Talent for Murder waarin hij Agatha opvoert als personage, en waarin hij haar verdwijning gebruikt als plot device voor een verhaal waarin Agatha het slachtoffer wordt van een diabolische arts die haar chanteert en dwingt een moord te plegen.

Net zoals werkelijk gebeurde is Agatha in het verhaal kapot van verdriet door het vreemdgaan van haar man, Archie (dat was de werkelijke reden waarom ze in 1926 verdween). Maar in Wilsons roman moet Agatha dus een moord plegen: ze moet de vrouw van de arts ombrengen. Als ze dat niet doet, dan dreigt de arts haar dochtertje, Rosalind, te vermoorden.

In de roman blijkt dat Agatha een bijna duivels genoegen heeft in het bedenken van hoe ze de moord nou zal plegen. Kennis van de werking van gif heeft ze (had ze ook in het echt). Dus, gif. Bij voorkeur: deadly nightshade, of wolfskers. Ook bekend als de ‘slaapbes’.

‘An innocent looking thing,’ mijmert Agatha, ‘it didn’t taste, smell or look particularly deadly but if ingested it would result in … loss of bowel and bladder movement, and respitory control, and finally death by asphyxiation.’

Zo kon Agatha dus haar verbeelding de vrije teugel laten als het ging over het moorden, althans volgens Wilson. En we kunnen ons dat heel goed voorstellen wanneer we haar romans lezen. Net als haar helden Hercule Poirot en Miss Marple kon Agatha denken als een dodelijke killer.

Dat ik, wij allemaal, stiekem kan meedenken — zonder dat we echt meedoen aan de misdaden, want stel je voor… — verklaart veel van de liefde die we hebben voor haar boeken. Ze laat ons toe te dromen over verboden dingen. Een betere definitie van het plezier van het lezen is er niet.

Door Gawie Keyser