Jeugdliteratuurblog | Een verdiende prijs

Gepubliceerd op: 10 april 2018 10:37

Het is weer gelukt, er is dit jaar gelukkig toch genoeg geld bij elkaar gevonden om de Woutertje Pieterse Prijs uit te kunnen reiken.

Dankzij De Versterking, het Lira Fonds, het Prins Bernhard Cultuurfonds en het Nederlands Letterenfonds is de prijs voor het beste oorspronkelijk Nederlandstalige kinder- of jeugdboek er nog. De jury bekroont sinds 1988 kinderboeken die uitzonderlijk zijn voor wat betreft taal, genre, thema, illustratie, vorm en/of vormgeving. Het doel van de prijs is het bevorderen van de kwaliteit van het Nederlandstalig kinder- en jeugdboek. Helaas is het voortbestaan nog steeds onzeker: dus heb je ergens nog een zak geld of ken je iemand met een zak geld: zegt het voort!

Dit jaar waren er vijf boeken genomineerd. Je kunt natuurlijk alle genomineerde boeken en de winnaar vinden in de OBA:

Annet SchaapLampje (winnaar)
Annet Huizing en Margot Westermann |
 De zweetvoetenman
Imme Dros en Annemarie van HaeringenEn toen, Sheherazade, en toen?
Ted van Lieshout | Onder mijn matras de erwt 
Joukje Akveld | Wij waren hier eerst

 

 

De Woutertje Pieterse lezing werd deze keer gehouden door Frauke Pauwels, jeugdliteratuur-expert, recensent en bezig met haar proefschrift bij de Universiteit van Antwerpen. De lezing kun je hier in zijn geheel lezen. Het ging over de toetreding van de wetenschap in de jeugdliteratuur, waarvan twee genomineerde boeken een voorbeeld zijn: De zweetvoetenman en Wij waren hier eerst. Pauwels juicht toe dat nu niet alleen de kinderen worden bediend die van verhalen houden, maar ook de kinderen die graag iets (concreets) willen leren.

Daarna was het woord aan voorzitter Noraly Beyer, die vertelde dat de jury het moeilijk had gehad. Maar de keuze was uiteindelijk gevallen op Lampje, want 'De jury koos dit jaar voor wervelende taal, voor sfeervol beeld en voor oprechte durf: Voor een illustrator die net als haar hoofdpersoon eindelijk heeft durven toegeven aan haar diepe verlangen te willen schrijven, en nu ineens ook schrijver is. Voor een hoofdpersoon die net als Woutertje Pieterse nieuwsgierig is en de wereld met een onbevangen blik tegemoet treedt. Voor een lichtend meisje dat durft te kiezen voor eigenheid, omdat ze is ‘gesneden ‘uit dat hout. Dat goeie hout. […] Heldenhout.' En dit vond ik de mooiste typering: 'Lampje roept herkenning op, herkenning van iets wat je nooit eerder hebt gezien.'

Annet Schaap won dus de Woutertje Pieterse prijs. Eerder kreeg ze al de Nienke van Hichtumprijs (een prestatie die alleen De hemel van Heivisj (2011) van Benny Lindelauf en Winterijs (2002) van Peter van Gestel haar voordeden – met dank aan speurwerk van Kjoek). Toch wende het succes nog niet, zo liet zij merken in haar ontroerende toespraak. Daarin vertelde Annet dat een vroege jeugdherinnering haar behoorlijk parten speelde bij het schrijven. Tijdens een schooltoneelstuk moest Annet de verteller zijn (wat zij eigenlijk niet wilde), en gaandeweg de voorstelling werd zij als verteller steeds enthousiaster zodat ze zich niet beperkte tot 'er was eens' en 'toen kwam alles weer goed'. De juf kon dit niet waarderen en sprak de woorden: 'de vertelstem dringt zich teveel op de voorgrond'. Veel later, toen Annet illustrator was en ook wilde gaan schrijven, deed ze voorafgaand aan Lampje al talloze pogingen. Maar dan hoorde ze weer die zin over die vertelstem, en ze kwam niet veel verder dan 'er was eens' en 'toen kwam alles weer goed'. Tot Lampje opdook, en er een verhaal was dat geschreven moest worden, dwars door alle barricades heen. 'En nu heb ik de Woutertje Pieterse prijs', zo eindigde ze haar toespraak. Volgens mij was de prijs niemand meer gegund dan haar op dat moment. Het applaus was hard en erg lang.

Daarna vertelde Annet in een gesprekje met voorzitter van de Stichting Woutertje Pieterse Prijs Hans Smit ook nog over haar dubbelrol: die van schrijver en illustrator. Het bleek lang niet zo eenvoudig te zijn om dit te combineren. Het kon in elk geval niet tegelijk: de schrijver kon niet illustreren en de illustrator kon niet schrijven. Maar los van elkaar hebben ze toch een prachtig boek gemaakt!

Na een fotoshoot met alle genomineerden, en een groot applaus voor iedereen, was het tijd voor het slot en daarmee de Woutertje Pieterse Prijs traditie: de vertolking van het Roverslied (een lied dat Woutertje Pieterse in het boek zingt als reactie op alle braafheid). Deze keer was de eer aan Aafke Romeijn, die de rovers deed swingen.


Deborah van der Vliet is jeugdbibliothecaris en boekenliefhebber in hart en nieren. Ze studeerde Nederlandse taal- en letterkunde en werkt inmiddels bijna 17 jaar bij de OBA. Jeugdliteratuur is haar grote liefde. Je leest meer blogs van Deborah op haar eigen sites boekielezen.nl en elkedageenprentenboek.nl.