Vluchten en veranderen

Gepubliceerd op: 2 januari 2019 16:36

Volgens Christopher Booker, een Engelse journalist en schrijver, zijn er in de wereld maar zeven basisverhalen die telkens opnieuw worden verteld. ‘De Reis’ is er daar een van. Het bekendste reisverhaal is dat van Odysseus, die na het veroveren van Troje teruggaat naar Ithaka en onderweg talloze avonturen beleeft.

Als je in de bibliotheek willekeurig tien boeken uit de kast pakt, dat zit er tenminste een boek bij dat over een reis gaat. Ik heb de proef op de som genomen; dat moet jij ook eens doen.

Ik heb uit de YA-collectie van de OBA drie boeken geselecteerd over een specifieke categorie van ‘De Reis’, namelijk over kinderen die moeten vluchten. Wereldwijd zijn veel mensen op de vlucht. In totaal wel 68 miljoen. Dat is vier keer het aantal inwoners van Nederland. Mensen verlaten hun stad of dorp door oorlog, natuurgeweld of honger. Veel mensen vluchten binnen hun eigen land, maar er zijn ook miljoenen vluchtelingen die op zoek gaan naar een nieuwe toekomst in een ander land. Dat kan een buurland zijn, maar er zijn ook vluchtelingen die de halve wereld overtrekken op zoek naar rust en veiligheid. In dit blog vertel ik je over drie andere YA-boeken die gaan over de vluchtelingenproblematiek. Het zijn goede en interessante boeken. In alle drie de boeken laten de schrijvers zien dat vluchten niet prettig is. Je blijft het liefst op de plek waar je je thuis voelt, waar je vrienden hebt, waar je de cultuur kent en de taal spreekt. Vluchten doe je niet zomaar.

Refugee Boy

Ik wil beginnen met een verhaal dat als e-book in de catalogus van de OBA is te vinden. Het is een Engels boek, maar heel toegankelijk geschreven. Mijn leerlingen in groep 8 konden het prima lezen. Het boek heet Refugee Boy en is geschreven door Benjamin Zephaniah. Hoofdpersoon in Refugee Boy is Alem Kelo. Hij komt uit het grensgebied van Ethiopië en Eritrea in Oost-Afrika. Daar is het oorlog en zijn ouders zijn in beide landen niet welkom. Zijn vader neemt Alem mee op vakantie naar Engeland. Ze bezoeken Londen, genieten van de architectuur en de musea van de stad en lijken een zorgeloze tijd te hebben. Totdat Kelo op een ochtend wakker wordt en leert dat zijn vader is vertrokken en wil dat Alem politiek asiel aanvraagt in Groot-Brittannië. Ethiopië en Eritrea zijn met elkaar in oorlog. De vader van Alem is Ethiopiër, terwijl zijn moeder een Eritrese is. In beide landen is de familie niet welkom. Terwijl zijn ouders proberen om vrede te brengen tussen de landen, moet Alem zijn weg zoeken in het Britse asielsysteem.

Schrijver Zephaniah neemt je in dit boek mee op een dubbele reis. De ene reis, is de tocht die Alem Kelo aflegt in Groot-Brittannië, de huizen waar hij woont, de scholen die hij bezoekt en zijn rechtszaak. Mag hij wel blijven? Kan hij niet terugreizen naar zijn ouders omdat het daar veilig genoeg is? De andere reis is de innerlijke reis van Alem. Hij wordt in dit boek met enorm veel verdriet geconfronteerd en de vraag is hoe hij alle tegenslagen die hij ervaart weet te verwerken. Ik wil met opzet hier niet al te veel over vertellen, omdat ik anders te veel weggeef van wat Zephaniah zo mooi vertelt. Lees dit boek. Refugee Boy is een boek dat je kijk op vluchtelingen zo maar eens zou kunnen veranderen.

Terug naar Nederland?

Ook in het tweede boek dat ik onder je aandacht wil brengen staan een fysieke en een innerlijke reis centraal. In Nooit meer thuis van Martine Letterie vertrekt Lily met haar familie uit Indonesië. De Tweede Wereldoorlog is voorbij. In Azië is Japan verslagen, maar in Nederlands-Indië (zoals Indonesië toen nog heette) gaat de strijd door. De inwoners van het land streven naar onafhankelijkheid en komen in opstand tegen Nederland, waardoor veel Nederlanders noodgedwongen het land moeten verlaten. Lily, die Nederland niet kent en gewoon is aan een leven in de tropen, reist per schip naar Nederland. Tijdens haar reis en later in Nederland wordt ze bezocht door een geestverschijning. Het is een man in een wit uniform die haar iets wil duidelijk maken, maar wat? Zowel gedurende de reis als het vervolg in Nederland vraagt Lily zich af of de keuze om te vertrekken wel de juiste was. Was het niet mogelijk om te blijven? Ligt een leven daar, waar alles fijn en vertrouwd is, nog binnen haar bereik? Het antwoord op die vraag is uiteindelijk nee. Lily en haar familieleden moeten accepteren dat Nederlands-Indië niet meer bestaat, maar dat er in Zuidoost-Azië een nieuw land is ontstaan. Bij dit acceptatieproces zal de onbekende man in het wit een belangrijke rol spelen.

Wat sterk is aan het boek, is dat Letterie heel goed laat zien wat het voor iemand betekent om de halve wereld over te reizen om in een land waar je eigenlijk alleen de taal van kent opnieuw te moeten beginnen. Lily wilde niet weg en vindt Nederlands-Indië haar land en nu is ze er niet meer welkom. Dat is lastig te accepteren en te verwerken. Als je dit boek leest dan word je meegenomen in de geschiedenis van onze voormalige kolonie. Je leest hoe het was om door Japanners te worden opgesloten in een kamp en onder welke omstandigheden Lily’s vader heeft gewerkt aan de beroemde Birma-spoorlijn. Japanners lieten gevangengenomen soldaten uit landen als Engeland, Australië en Nederland werken aan een spoorlijn die dwars door het oerwoud in landen moest lopen. De omstandigheden waaronder de gevangenen moesten werken waren verschrikkelijk en velen stierven door ziekte, honger of uitputting.

Maar er is nog iets wat het boek fijn maakt om te lezen. Letterie laat zien dat Lily door de verandering die ze meemaakt zelfstandiger en volwassener wordt en meer oog krijgt voor de veranderingen in de wereld die ervoor zorgen dat ze in Nederland moet wonen. Ze durft zich op een gegeven moment ook te uiten in een discussie over de vraag of Indonesië zelfstandig mag zijn of niet. En dat terwijl ze nog vrij jong is.

Laila en meneer Cohen

Die ontwikkeling zie je ook terug in het derde boek dat ik bespreek. Het boek heet De brieven van Mia en is geschreven door Astrid Sy. In razend tempo word je naar het hart van het verhaal gebracht. Het Syrische meisje Laila zit in een asielzoekerscentrum en gaat aldaar naar school. Van haar leraar moet ze deelnemen aan een maatschappelijk project. Laila heeft daar totaal geen zin in en gaat met tegenzin langs bij het door haar leraar opgegeven adres. Zo komt ze bij de oude meneer Cohen over de vloer en krijgt als taak de zolder van zijn huis op te ruimen. Laila vindt het bij meneer een rommeltje en vindt meneer Cohen een norse oude man. Laila voelt zich totaal niet thuis in het koude en regenachtige Nederland. Ze mist haar vader, die waarschijnlijk in Syrië gevangen zit. Eigenlijk leidt ze een doelloos leven. Ze is in Nederland, maar haar gedachten zijn in Syrië.

Maar Laila vindt al snel een doel als ze op de zolder van meneer Cohen oorlogsbrieven ontdekt. Ze zijn geschreven aan meneer Cohen door zijn toenmalige vriendin Mia. Ze zaten beide in het verzet, maar raakten elkaar kwijt toen de Duitsers razzia’s uitvoerden en joden op transport zetten naar de vernietigingskampen. Meneer Cohen heeft geen idee wat er met Mia is gebeurd of waar ze is gebleven. Voor Laila begint, door het ontcijferen van een geheime boodschap uit de laatste brief, de zoektocht naar Mia. Samen met meneer Cohen gaat ze op onderzoek. Dit onderzoek brengt haar naar Amsterdam, concentratiekamp Westerbork en zelfs tot diep in Polen. Ze doet wat haar vader haar altijd heeft voorgehouden: ‘Zoek naar waarheid, kennis en verlichting.’

Ook in dit verhaal zie je duidelijk dat de hoofdpersoon in het verhaal verandert. Waar Laila in het begin van het verhaal oog noch oor had voor de Nederlandse geschiedenis, neemt ze initiatief om een raadsel uit de Tweede Wereldoorlog op te lossen. Je moet deze drie boeken eens lezen en daar op letten. Kenmerkend voor ‘De Reis’ is dat het de hoofdpersoon verandert en dat deze verantwoordelijkheid neemt. Daar zijn deze boeken mooie voorbeelden van.

Over de auteur

Martin Bootsma is leraar en teamleider op de Alan Turingschool in Amsterdam. Voor de OBA schrijft hij over Young Adultboeken, op zijn eigen blog Meesterlezer schrijft hij over boeken, onderwijs en het samenspel daartussen.